Toch krimpt dat fundament al jaren. Woningbouwverenigingen werden omgevormd tot corporaties, kregen meer lasten dan lusten, gemeenten werden geacht te bouwen maar misten de grond en het geld (of eigenlijk, lieten de grond aan projectontwikkelaars) en projectontwikkelaars bleken allergisch voor alles met een maximale huurprijs. Terwijl de politieke discussies voortkabbelden, doken de wachttijden richting sciencefiction: negen jaar tot soms vijftien in Stichtse Vecht. Alsof je bij inschrijving meteen een reminder voor je veertigste verjaardag moet zetten.

Het meest verbazende is, dat de meeste politieke partijen het hebben laten gebeuren. Want sociale huur is geen restproduct dat je ergens onderaan in een beleidsdocument zet. Het is een sociaal contract. Het garandeert dat de leraar van je kinderen, de verpleegkundige die je moeder wast en de pakketbezorger die je dag redt, ook gewoon ergens kunnen wonen. In dezelfde gemeente. Dichtbij werk en voorzieningen. Niet weggestopt in buitenwijken die alleen op plattegronden bestaan.

Een samenleving die haar midden-, modale- en lagere inkomens de gemeente uit duwt, duwt haar eigen ruggengraat weg. Je krijgt niet alleen leegloop van cruciale beroepen, maar ook een gemeente waar de publieke ruimte steeds meer een decor wordt voor wie het zich toevallig kan veroorloven.
De noodzaak van sociale huur is dus niet alleen maar economisch, maar ook moreel. Het gaat over de vraag wie we willen zijn. Een land waar wonen een recht is, een gemeente waar wonen geen verdienmodel is. Een gemeente waar diversiteit niet alleen een ideaalplaatje in een beleidsnota is, maar een dagelijkse realiteit in elke straat van elke kern en elke wijk.
Dus laten we nog luider laten horen dat sociale huur niet iets gênants is. Het is juist een van de meest succesvolle uitvindingen van onze woontraditie. Nederland heeft laten zien dat je sterke gemengde wijken kunt bouwen, dat betaalbaar en duur prima samen kunnen gaan.
De vraag is niet óf we meer sociale huurwoningen nodig hebben. De vraag is wanneer hebben we eindelijk weer de moed om dat hardop te zeggen en ze vervolgens gewoon te gaan bouwen?
